TPMS (bandenspanningscontrolesystemen) zijn niet langer een nicheonderwerp. Ook duidelijke wettelijke vereisten dragen bij aan de toenemende acceptatie ervan als standaardtechnologie in wagenparken van bedrijfsvoertuigen. De belangrijkste wettelijke basis voor bandenspanningscontrolesystemen in de EU is de UNECE R141-verordening, ontwikkeld in het kader van de Economische Commissie voor Europa van de VN (UNECE). Deze verordening schrijft TPMS voor bepaalde voertuigklassen voor om de verkeersveiligheid te verbeteren en het brandstofverbruik te verminderen door middel van een optimale bandenspanning.
Wat houdt UNECE R141 in?
- Verplichte uitrusting voor nieuwe voertuigtypes: sinds november 2014 moeten alle nieuw typegoedgekeurde personenauto’s (M1) zijn uitgerust met een TPMS (bandenspanningscontrolesysteem). Deze verordening geldt ook voor lichte bedrijfsvoertuigen (N1) met een bruto voertuiggewicht tot 3,5 ton.
- Uitbreiding naar zware bedrijfsvoertuigen: sinds juli 2022 geldt de TPMS-eis ook voor nieuw typegoedgekeurde zware bedrijfsvoertuigen (vrachtwagens van de klassen N2 en N3) en aanhangwagens (O3 en O4). Voor alle nieuwe registraties van deze klassen gold een overgangsperiode tot juli 2024 – sindsdien moeten ook deze voertuigen standaard zijn uitgerust met TPMS.
- Systeemvereisten: TPMS moet drukverlies in realtime kunnen detecteren en de bestuurder waarschuwen. De tolerantiedrempel is doorgaans een drukverlies van 20 procent of meer.
Welke wijzigingen en uitbreidingen van de regelgeving staan er op de planning?
- TPMS verplicht voor opleggers met telematicaconnectiviteit: De EU bespreekt momenteel of TPMS verplicht moet worden gesteld voor bepaalde soorten opleggers, met name die welke zijn uitgerust met telematicasystemen. Het doel is een betere integratie in het wagenparkbeheer en onderhoud.
- Standaardisatie van interfaces en gegevensoverdracht: In de toekomst zullen TPMS-gegevens steeds meer worden geïntegreerd in de communicatie van voertuigen en wagenparken via gestandaardiseerde interfaces (bijvoorbeeld ISO 11992). Dit betreft voornamelijk combinaties van trekkers en opleggers.
- Uitbreiding naar oudere voertuigen als onderdeel van het verkeersveiligheidsbeleid: Ook al is er momenteel geen verplichting tot aanpassing, op middellange termijn kunnen er nieuwe stimulansen of regelgeving volgen voor de aanpassing van TPMS in oudere vrachtwagenparken.
In hoeverre zijn de voorschriften al geïmplementeerd?
In de sector van bestelwagens en lichte bedrijfsvoertuigen (klasse N1 tot 3,5 t) worden deze systemen doorgaans af fabriek geïnstalleerd, maar overwegend als indirect TPMS (iTPMS). Deze oplossingen maken gebruik van ABS- of ESP-sensoren om veranderingen in de bandenspanning te detecteren. In plaats van directe druksensoren in elke band analyseert iTPMS de wielsnelheden en de veranderingen daarin om drukverlies af te leiden.
In de klasse N2, d.w.z. voor middelzware bedrijfsvoertuigen met een toegestaan totaalgewicht van 3,5 tot 12 ton, rusten veel fabrikanten hun nieuwe voertuigen standaard uit met direct TPMS, dat de werkelijke druk via een sensor meet. De belangstelling voor deze systemen neemt toe, met name bij gemeentelijke toepassingen en voor bezorgdiensten die zich op de stad richten.
TPMS komt steeds vaker voor bij zware vrachtwagens met een toegestaan totaalgewicht van meer dan 12 ton (klasse N3) – gedreven door wettelijke vereisten, maar ook door de wens om kosten te besparen in de transportsector. Veel OEM’s bieden deze systemen nu aan als optie of standaarduitrusting.
TPMS wordt ook steeds populairder in de klassen O3 en O4 (opleggers en aanhangwagens). Bandenschade aan aanhangwagens blijft vaak onopgemerkt, en sommige fabrikanten van aanhangwagens hebben al hun eigen TPMS-oplossingen geïntegreerd. Deze zijn vaak gekoppeld aan remsystemen of telematicamodules.
Conclusie: bandenspanningscontrolesystemen worden standaard
Bandenspanningscontrolesystemen (TPMS) komen steeds vaker voor in nieuwe voertuigen. De voordelen op het gebied van verkeersveiligheid, comfort en brandstofefficiëntie wegen duidelijk op tegen de extra kosten. Gezien het ambitieuze “Fit for 55”-klimaatpakket van de Europese Unie wordt een uitbreiding van de wettelijke vereisten verwacht. In de toekomst kan het nodig zijn om oudere voertuigen achteraf uit te rusten met TPMS.